Artikelen van Novalis atelier

Weekspreuk 27

In meines Wesens Tiefen dringen...

Boven aan het lied staat Beschaulich, dankbar und erfreuend. Het is die warme Saturnus stemming, gedragen, diep, tevreden. We zijn nu helemaal aangeland in onszelf.

Novalis atelier

Weekspreuk 26

Natur, dein mütterliches Sein…

We zijn nu op de helft gekomen van het jaarverloop dat met Pasen is begonnen. De 26e spreuk van de 52 weken van het jaar. Michael stemming staat boven de spreuk geschreven. Vroeger dacht ik bij Michael meteen aan strijd.

Novalis atelier

Weekspreuk 25

Ich darf nun mir gehören…

Eindelijk bij je zelf aangekomen? Je mag jezelf toebehoren en je innerlijk licht helder verspreiden in de duisternis van ruimte en tijd.

Novalis atelier

Weekspreuk 24

Sich selbst erschaffend stets…

Krachtig stuwend en vreugdevol klinkt hier de muziek, Mars! De moedige ijzerkracht van de herfst: jezelf steeds weer herscheppen! De wereldgeest streeft maar voort, haast als een span paarden aangemoedigd door de koetsier.

Novalis atelier

Weekspreuk 23

Es dämpfet herbstlich sich…

In herfstige nevelen en kleuren wordt ons zintuig streven gedempt. De zomer heeft zich aan ons gegeven en we zien uit naar een winterslaap. In de muziek zijn de nevels hoorbaar, als sluiers. En de muziek is berustend. De zomer heeft zich aan ons gegeven.

Novalis atelier

Weekspreuk 22

Das Licht aus Weltenweiten…

Het stralende liefdevolle licht, dat je misschien ook buiten door de velden heen kan zien glijden en we in de herinnering vanuit de zomer met ons meedragen werkt verder in ons door.

Novalis atelier

Weekspreuk 21

Ich fühle fruchtend fremde Macht…

In dit lied herkennen we meteen weer de speels humoristische, haast dartelende Mercurius! Zoals inmiddels vaker benoemd, zijn deze eigenschappen er niet van te voren ingelegd. Het ontstond vanzelf tijdens het kunstzinnig scheppen.

Novalis atelier

Weekspreuk 20

So fühl ich erst mein Sein…

Sinds Pasen, het begin van de reis, ontmoeten we nu de tweede maanspreuk. Het tweede omkeermoment in de grote ademende vleugelslag van Saturnus naar Maan en weer terug.

Novalis atelier

Weekspreuk 19

Geheimnisvoll das Neu-Empfang'ne…

Deze week geen sprankelend speelse Mercurius klanken, zoals bij veel andere Mercurius spreuken. Het zou zo ook een Venus spreuk kunnen zijn vanwege de vele septiemen en de liefdevolle sfeer.

Novalis atelier

Weekspreuk 18

Kann ich die Seele weiten…

De toonzetting van deze spreuk is wel een uiterst ludieke. Destijds, nog niet wetende dat deze spreuk in het teken van Venus stond, kwam een heel frivole melodie op. Ik beleefde iets swingends, golvends in het verwijden.

Novalis atelier

Weekspreuk 17

Es spricht das Weltenwort…

Zo spreekt het wereldwoord. Ofschoon de zonnetoon A majeur is, kon ik eigenlijk niet anders dan de compositie in de toonsoort C beginnen. Het wereldwoord roept voor mij iets eerlijks op, plain, rechtvaardig, zonder kruisen die teveel naar het licht, of m

Novalis atelier

Weekspreuk 16

Zu bergen Geistgeschenk im Innern…

Dit is nu zo’n compositie waar je in eerste instantie Mars helemaal niet hoort. Het is liefelijk, met de fluit en harp samen, en had net zo goed een Venus spreuk kunnen zijn.

Novalis atelier

Weekspreuk 15

Ich fühle wie verzaubert…

Net als weekspreuk 2, ook door Jupiter geïnspireerd, is opnieuw een dans. Een dans die zowel innigheid heeft (vanwege de 6/8e maat en in het verzaubert zijn) als ruime vriendelijke bewegingen draagt.

Novalis atelier

Weekspreuk 14

An Sinnesoffenbarung hingegeben...

Met weekspreuk 14 gaan we een tweede ronde in. De eerste 13 spreuken van Saturnus naar Maan en weer terug, hebben we doorlopen en beginnen nogmaals bij Saturnus.

Novalis atelier

Weekspreuk 13

Und bin ich in den Sinneshöhen...

De muziek begint als een middeleeuwse dans op het dorpsplein, maar wordt dan in haar uitbundigheid plots teruggeroepen in de ernst. Saturnus en Uriël kloppen aan: Zoek je verwantschap met de geest, in plaats van de zinnelijke hoogtes.

Novalis atelier

Weekspreuk 12

Der Welten Schönheitsglanz…

Deze compositie op de Sint-Jans spreuk was - zoals in het intro-blog beschreven - de eerste weekspreuk die ik componeerde. Het wijkt qua toonzetting wat af van de andere spreuken.

Novalis atelier

Weekspreuk 11

Es ist in dieser Sonnenstunde…

Deze spreuk opent als een plechtig koraal. Statig, eerbiedig, ernstig maar gelijk zondoorlicht. Het is Mars die weer aanklopt. Ook in de bijpassende toonsoort C. We horen het in de voortschrijdende haast dreunend neerzetten van elke stap...

Novalis atelier

Weekspreuk 10

Zu sommerlichen Höhen…

Deze week een relatief eenvoudiger spreuk en compositie. Weekspreuk 10 componeerde zich als een echte zonnespreuk, in de klassieke Zonne toonsoort A. Licht en stralend!

Novalis atelier

Weekspreuk 9

Vergessend meine Willenseigenheit…

Na de uitbundige Mercurius compositie, keren we met Venus weer naar binnen, in een meer ontvangende stemming. Ingetogen en warm. Een wat dromerig begin: mijn eigenheid vergetend?

Novalis atelier

Weekspreuk 8

Es wächst der Sinne Macht…

Na de donkere wat dreigende maanspreuk (7) klaart ineens de lucht weer op! De speelse Mercurius verschijnt nu we de opstijgende beweging richting de zon weer gaan maken. Mercurius de vrolijke humorvolle gast, die gekke sprongen kan maken. Luchtig en vrij.

Novalis atelier

Weekspreuk 7

Mein Selbst, es drohet zu entfliehen…

Vanuit de verste planeet Saturnus zijn we nu uitgekomen bij de Maan, die het dichtst bij de aarde staat, het omkeer en transformatie moment.

Novalis atelier

Weekspreuk 6

Es ist erstanden aus der Eigenheit…

De speels luchtige Mercurius, verbonden met tweelingen, klinkt direct op in de inleiding. Beweeglijk en monter! In de melodie zelf echter komt iets warms naar voren, een overwinning een triomf. Het is gebeurd, we zijn bevrijd, es ist erstanden! We kijken

Novalis atelier

Weekspreuk 5

Im Lichte, das aus Geistestiefen…

Er stroomt, kiemt, borrelt nu van alles op in de muziek. De bloem en vruchtdragende processen van Venus. Lichtklanken die stromen, tintelen, prikkelen. Een goddelijk scheppen, zoals ook in de grondsteenspreuk gezegd wordt.

Novalis atelier

Weekspreuk 4

Ich fühle Wesen meines Wesens…

Vanuit de geestinnigheid van Saturnus; de grote gebaren van Jupiter; en het zachte wekken van Mars, zijn we terecht gekomen bij de verbindende kracht van de zon.

Novalis atelier

Weekspreuk 3

Es spricht zum Weltenall

De muziek begint hier met een zacht klingelen. We worden geroepen. Ook in de melodie komt iets wekkends naar voren. Zachtjes maar aandringend. Je wilt naar voren maar iets houdt je tegen (mein Eigenheiten Fessel).

Novalis atelier

Weekspreuk 2

Ins Äußre des Sinnesalls

Weekspreuk 2 In weekspreuk 2 horen we – als we het beeld van de bergweiden volgen - de Ländler. De Ländler is de langzamere plattelandsversie van de Wals, die meer gestileerd is.

Novalis atelier

Weekspreuk 1

Wenn aus den Weltenweiten…

Zoals in de introductie blog van afgelopen week beschreven, is een van de grootste ontdekkingen die ik tijdens het componeren van de weekspreuken deed de verbinding met de planeten.

Novalis atelier

De weekspreuken

Een openbaring van licht en kracht

Inleidend verhaal over de aankomende blogs in de serie 'Een muzikale weg door de zielenkalender' gecomponeerd door Ivar Römer

Novalis atelier
Weekspreuk 27 In meines Wesens Tiefen dringen... Boven aan het lied staat Beschaulich, dankbar und erfreuend. Het is die warme Saturnus stemming, gedragen, diep, tevreden. We zijn nu helemaal aangeland in onszelf.
Weekspreuk 26 Natur, dein mütterliches Sein… We zijn nu op de helft gekomen van het jaarverloop dat met Pasen is begonnen. De 26e spreuk van de 52 weken van het jaar. Michael stemming staat boven de spreuk geschreven. Vroeger dacht ik bij Michael meteen aan strijd.
Weekspreuk 25 Ich darf nun mir gehören… Eindelijk bij je zelf aangekomen? Je mag jezelf toebehoren en je innerlijk licht helder verspreiden in de duisternis van ruimte en tijd.
Weekspreuk 24 Sich selbst erschaffend stets… Krachtig stuwend en vreugdevol klinkt hier de muziek, Mars! De moedige ijzerkracht van de herfst: jezelf steeds weer herscheppen! De wereldgeest streeft maar voort, haast als een span paarden aangemoedigd door de koetsier.
Weekspreuk 23 Es dämpfet herbstlich sich… In herfstige nevelen en kleuren wordt ons zintuig streven gedempt. De zomer heeft zich aan ons gegeven en we zien uit naar een winterslaap. In de muziek zijn de nevels hoorbaar, als sluiers. En de muziek is berustend. De zomer heeft zich aan ons gegeven.
Weekspreuk 22 Das Licht aus Weltenweiten… Het stralende liefdevolle licht, dat je misschien ook buiten door de velden heen kan zien glijden en we in de herinnering vanuit de zomer met ons meedragen werkt verder in ons door.
Weekspreuk 21 Ich fühle fruchtend fremde Macht… In dit lied herkennen we meteen weer de speels humoristische, haast dartelende Mercurius! Zoals inmiddels vaker benoemd, zijn deze eigenschappen er niet van te voren ingelegd. Het ontstond vanzelf tijdens het kunstzinnig scheppen.
Weekspreuk 20 So fühl ich erst mein Sein… Sinds Pasen, het begin van de reis, ontmoeten we nu de tweede maanspreuk. Het tweede omkeermoment in de grote ademende vleugelslag van Saturnus naar Maan en weer terug.
Weekspreuk 19 Geheimnisvoll das Neu-Empfang'ne… Deze week geen sprankelend speelse Mercurius klanken, zoals bij veel andere Mercurius spreuken. Het zou zo ook een Venus spreuk kunnen zijn vanwege de vele septiemen en de liefdevolle sfeer.
Weekspreuk 18 Kann ich die Seele weiten… De toonzetting van deze spreuk is wel een uiterst ludieke. Destijds, nog niet wetende dat deze spreuk in het teken van Venus stond, kwam een heel frivole melodie op. Ik beleefde iets swingends, golvends in het verwijden.
Weekspreuk 17 Es spricht das Weltenwort… Zo spreekt het wereldwoord. Ofschoon de zonnetoon A majeur is, kon ik eigenlijk niet anders dan de compositie in de toonsoort C beginnen. Het wereldwoord roept voor mij iets eerlijks op, plain, rechtvaardig, zonder kruisen die teveel naar het licht, of m
Weekspreuk 16 Zu bergen Geistgeschenk im Innern… Dit is nu zo’n compositie waar je in eerste instantie Mars helemaal niet hoort. Het is liefelijk, met de fluit en harp samen, en had net zo goed een Venus spreuk kunnen zijn.
Weekspreuk 15 Ich fühle wie verzaubert… Net als weekspreuk 2, ook door Jupiter geïnspireerd, is opnieuw een dans. Een dans die zowel innigheid heeft (vanwege de 6/8e maat en in het verzaubert zijn) als ruime vriendelijke bewegingen draagt.
Weekspreuk 14 An Sinnesoffenbarung hingegeben... Met weekspreuk 14 gaan we een tweede ronde in. De eerste 13 spreuken van Saturnus naar Maan en weer terug, hebben we doorlopen en beginnen nogmaals bij Saturnus.
Weekspreuk 13 Und bin ich in den Sinneshöhen... De muziek begint als een middeleeuwse dans op het dorpsplein, maar wordt dan in haar uitbundigheid plots teruggeroepen in de ernst. Saturnus en Uriël kloppen aan: Zoek je verwantschap met de geest, in plaats van de zinnelijke hoogtes.
Weekspreuk 12 Der Welten Schönheitsglanz… Deze compositie op de Sint-Jans spreuk was - zoals in het intro-blog beschreven - de eerste weekspreuk die ik componeerde. Het wijkt qua toonzetting wat af van de andere spreuken.
Weekspreuk 11 Es ist in dieser Sonnenstunde… Deze spreuk opent als een plechtig koraal. Statig, eerbiedig, ernstig maar gelijk zondoorlicht. Het is Mars die weer aanklopt. Ook in de bijpassende toonsoort C. We horen het in de voortschrijdende haast dreunend neerzetten van elke stap...
Weekspreuk 10 Zu sommerlichen Höhen… Deze week een relatief eenvoudiger spreuk en compositie. Weekspreuk 10 componeerde zich als een echte zonnespreuk, in de klassieke Zonne toonsoort A. Licht en stralend!
Weekspreuk 9 Vergessend meine Willenseigenheit… Na de uitbundige Mercurius compositie, keren we met Venus weer naar binnen, in een meer ontvangende stemming. Ingetogen en warm. Een wat dromerig begin: mijn eigenheid vergetend?
Weekspreuk 8 Es wächst der Sinne Macht… Na de donkere wat dreigende maanspreuk (7) klaart ineens de lucht weer op! De speelse Mercurius verschijnt nu we de opstijgende beweging richting de zon weer gaan maken. Mercurius de vrolijke humorvolle gast, die gekke sprongen kan maken. Luchtig en vrij.
Weekspreuk 7 Mein Selbst, es drohet zu entfliehen… Vanuit de verste planeet Saturnus zijn we nu uitgekomen bij de Maan, die het dichtst bij de aarde staat, het omkeer en transformatie moment.
Weekspreuk 6 Es ist erstanden aus der Eigenheit… De speels luchtige Mercurius, verbonden met tweelingen, klinkt direct op in de inleiding. Beweeglijk en monter! In de melodie zelf echter komt iets warms naar voren, een overwinning een triomf. Het is gebeurd, we zijn bevrijd, es ist erstanden! We kijken
Weekspreuk 5 Im Lichte, das aus Geistestiefen… Er stroomt, kiemt, borrelt nu van alles op in de muziek. De bloem en vruchtdragende processen van Venus. Lichtklanken die stromen, tintelen, prikkelen. Een goddelijk scheppen, zoals ook in de grondsteenspreuk gezegd wordt.
Weekspreuk 4 Ich fühle Wesen meines Wesens… Vanuit de geestinnigheid van Saturnus; de grote gebaren van Jupiter; en het zachte wekken van Mars, zijn we terecht gekomen bij de verbindende kracht van de zon.
Weekspreuk 3 Es spricht zum Weltenall De muziek begint hier met een zacht klingelen. We worden geroepen. Ook in de melodie komt iets wekkends naar voren. Zachtjes maar aandringend. Je wilt naar voren maar iets houdt je tegen (mein Eigenheiten Fessel).
Weekspreuk 2 Ins Äußre des Sinnesalls Weekspreuk 2 In weekspreuk 2 horen we – als we het beeld van de bergweiden volgen - de Ländler. De Ländler is de langzamere plattelandsversie van de Wals, die meer gestileerd is.
Weekspreuk 1 Wenn aus den Weltenweiten… Zoals in de introductie blog van afgelopen week beschreven, is een van de grootste ontdekkingen die ik tijdens het componeren van de weekspreuken deed de verbinding met de planeten.
De weekspreuken Een openbaring van licht en kracht Inleidend verhaal over de aankomende blogs in de serie 'Een muzikale weg door de zielenkalender' gecomponeerd door Ivar Römer
sitemap Vormgeving en ontwikkeling door Ginolica